Categorieën
#geocaching Throwback Thursday

Geocachingverhalen uit het verleden: 13 februari 2013

Elke donderdag – Throwback Thursday – verschijnt hier een verhaal online uit het roemruchte geocachingverleden van de Heideroosjes.

Vandaag gaan we terug naar 13 februari 2013

Mijn moeder en ik verbleven een midweek op Terschelling – het eiland waar ontdekkingsreiziger Willem Barentsz rond 1550 werd geboren – en het was de koudste week van 2013, volgens ons minstens zo koud als op Nova Zembla – waar de eerder genoemde Willem Barentsz overwinterde in het Behouden Huys in de winter van 1596/97.

Geocachingverhaal uit het verleden

  1. Terschellinger eendenkooien
  • Maker: Yritja
  • Type: Mysterie
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 februari 2013
  • Plaats: Terschelling
  1. Huske op e Slenk
  • Maker: BigBird
  • Type: Virtual
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 februari 2013
  • Plaats: Terschelling
  1. Terschellinger verhaal: Sil de Strandjutter
  • Maker: Yritja
  • Type: Mysterie
  • Heideroosjes: Maartje
  • HaJaMaToJo: Hannie
  • Gevonden op: 13 februari 2013
  • Plaats: Terschelling

Het slechte nieuws deze ochtend was dat het de hele nacht gedwarreld (lichte sneeuw) had. Het goede nieuws was dat het wel boven 0 was, dus het dooide. Niet dat het nou heel erg warm was, dus we hulden ons weer in onze overwinteringspakken. We besloten om toch te gaan fietsen, ondanks alle lagen sneeuw op de wegen. Voor dat we naar Terschelling gingen, had ik een studie naar de mysteries gedaan. Dat hield eerst een grondig onderzoek naar eendenkooien in, dat volbracht ik. Daarna volgde de ellenlange zoektocht naar de afbeeldingen en vragen van de Sil de Strandjutter mysterie. Pfft, daar ben ik wel even mee bezig geweest. Daarna moest ik nog de bijbehorende woordzoeker oplossen. En owh, wat was ik blij toen de checker het verlossende groene licht gaf. Maar toen was ik in Oisterwijk en volgens de checker was  ik 202 kilometer van de cache af, anders was ik er direct naartoe gegaan, omdat ik zo blij was dat ik de puzzel eindelijk opgelost had.

Eigenlijk was het weer zo dat je niet echt wilde gaan fietsen. Mijn moeder, die helemaal niet van sneeuw en glad houdt, overtrof zichzelf door toch op haar fiets te stappen. Het was best een eind naar de andere kant van het eiland, bijna 10 kilometer. Voor mij is dat een gewone afstand, het is nog verder fietsen naar mijn werk. We stopten natuurlijk wel bij elke paddo, zodat ik die kon waymarken en moesten lachen om de naam van de ijsclub: Nova Zembla.

De Eendenkooien-cache lag aan een verlaten boerenweggetje, het pad liep naar een eendenkooi. Maar ik vind zo’n eendenkooi maar een wreed iets, dus dat hoefde ik niet te zien, het ging ons alleen maar om de cache. Volgens de logjes zou de cache moeilijk te vinden zijn, vooral in de zomer. Misschien was het dus ons geluk dat het winter was, want ik had de cache binnen 5 minuten gevonden. Zo, die 202 km verderop was ingelost.

Op naar het startpunt van de Sil de Strandjutter-multi. Ik heb de TV-serie nooit gezien, dat was voor mijn tijd, maar mijn moeder heeft er wel iets van gezien en die meende het huis te herkennen. We beantwoordden de vragen en fietsten door naar het volgende waypoint. We kwamen er al snel achter dat we ook verschillende punten van de Dagvlinders-cache zouden passeren, dus die hebben we ook meteen meegenomen. Het was een heel mooi gebied waar we doorheen fietsten, besneeuwde duinen en vele halfbevroren noordelijke ijszeeën (we hingen deze week alles op aan Willem Barentsz en de overwintering op Nova Zembla). Er waren paddo’s en zelfs koeien. Ik maakte enkele van mijn mooiste paddo-omgeving-foto’s ooit. De koeien stonden eigenlijk net iets te ver weg, maar ze leken geen last te hebben van de winterse omstandigheden.

We waren niet eens de enige fietsers die zich in dit desolated wasteland waagden. Ook waren er veel wandelaars met honden. Honden zijn erg populair op Terschelling, bijna iedereen had een hond. Wij voelden ons zelfs een beetje outsiders, omdat we geen hond handen. Met al dat fietsen was een hond echter weer niet zo handig geweest en wij hebben ook geen hond (meer).

Voor we op vakantie gingen was ik door een bepaalde cache op Terschelling geobsedeerd geraakt. Juist die ene cache waar niets te vinden was, omdat het een virtuele cache is. Het is al heel lang geleden dat wij een virtuele cache hebben gedaan, dat was namelijk vier jaar geleden in Luxemburg. Maar de wandeling naar Huske op e Slenk leek mij heel erg de moeite waard. Op een bepaald punt tijdens onze fietstocht waren we op het einde van de verharding. Ik vroeg toen of mijn moeder zin had in de wandeling. Mijn moeder was het fietsen over de beijzelde fietspaden allang beu en ze had wel zin in de wandeling. Vanaf de fietsenstalling was het 5,7 kilometer lopen naar het drenkelingenhuisje. Wij waren niet de enigen die de wandeling naar ‘het einde van de wereld’ gingen maken, er waren nog meer koppels, die we allemaal ingehaald hebben. Alleen de mountainbikers waren sneller, maar dat is logischer. Die gingen ook fietsen over het strand, dat zag er erg stoer uit, maar het leek mij ook erg zwaar.

Wij volgden het duinpad. De kilometers vlogen onder ons voeten door en ondertussen smolt de sneeuw weg, omdat het in de middag een paar graden boven 0 was. De temperatuur begon zelfs een beetje aangenaam aan te voelen. Aan het einde van het pad moesten we een doorgang door de duinen zoeken om op het strand te komen. Dat bleek maar een heel smal paadje te zijn, dwars door het kletsnatte – door de smeltende sneeuw – heide-achtige gebied. Het lukte ons om niet al te natte voeten te halen met het dak van het huisje in zicht. En toen waren we op het strand en bereikten we het huisje. Wow, dit was echt heel gaaf. We lunchten op het “dakterras” van het huisje, met uitzicht op de woeste zee. Van binnen zag het huisje er duister uit, niet echt heel aantrekkelijk om de nacht in door te brengen. Maar als je op een stormachtige strand staat, biedt het huisje vast wel iets van beschutting. En in vroegere tijden waren er hopelijk dekens en iets te eten/drinken aanwezig in het huisje. We maakten de foto’s die nodig waren om de cache te mogen loggen en begonnen daarna aan de terugtocht, over het strand van de Boschplaat.

Ik was nog nooit eerder op een strand geweest als er sneeuw lag. Het was heel surrealistisch, want je associeert stand toch met zon en zomer. Helaas was het ook heel erg koud. Aan de andere kant van de duinen was het nog redelijk aangenaam geweest, maar hier hadden de elementen vrij spel. Mijn handen waren door mijn handschoenen heen nog zo ijskoud, dat ik ze in mijn jaszakken hield om ze warm te houden. De rest van mijn lijf bleef wel warm, omdat we flink doorstapten. Maar ook mijn gezicht had het ondanks mijn muts flink te verduren, door de wind. We stapten in de richting van het “Noorderlicht”, want de lucht in de verte vertoonde vele kleurschakeringen en deed ons denken aan het bijzondere licht van de Noordpool (niet dat we dat ooit gezien hebben, maar in het kader van de Nova Zembla-obsessie). Verder lag het strand bezaaid met duizenden, neej miljoenen scheermesschelpen. Echt overal, hele bergen van dat soort schelpen overal waar je keek. Alsof Gillette hier een reclame op had genomen ofzo. Echt zoveel. Die schelpen hebben de meest prachtige kleuren. Ook lagen er overal rimpelige heuveltjes van zand, gevormd door het eb- en vloedspel van de zee.

Aan het einde was het opnieuw zoeken naar de duinovergang, want alles was ingesneeuwd. De dichtbij zijnde strandtent, met de weinig opwekkende naam Heartbreak Hotel, was pas met Pasen open. Wel jammer, want ondertussen waren wij wel toe aan een kopje met iets warms. Helaas voor ons was er dus nergens in deze facking middle of nowhere iets te vinden waar je wat warms kon drinken. Dus mochten we weer verder met onze fietstocht. Dat ging nu makkelijker, want het had tijdens onze wandeling van zo’n 3 uur, flink gedooid, dus nu konden we doorfietsen over de ijsvrije fietspaden. We vonden punt na punt van de Sil de Strandjutter-cache, voor enkele moesten we ook nog een stukje lopen, dus het kostte wel veel tijd. De waypoints waren wel prachtig, allemaal kunstwerkjes op zich. Ook pikten we nog wat punten van de Dagvlinders-fietstocht mee en ik was heel erg blij toen we de mysterie van Sil de Strandjutter konden loggen, omdat die mij zoveel tijd had gekost. De tijd begon te dringen – want vroeg donker – en het leek erop dat we het allemaal niet meer af zouden krijgen.

Op een bepaald moment bereikten we weer de bewoonde wereld en mijn moeder had er echt genoeg van, vooral toen we bij de paddo waren die we nodig hadden voor het oplossen van de offset-multi Thasos. Mijn moeder had echt geen zin in het toevoegen van nog een nieuwe cache aan de route en het bleek ook nog 2,4 km terug te zijn in de richting waar we vandaan kwamen. Ze wilde ook de Sil de Strandjutter-multi niet meer afmaken. Ik wilde dat eigenlijk nog wel, maar ik zag ook wel in dat alle drie de caches (Sil de multi, Sil de bonus en Thasos) niet meer zouden gaan lukken. Dus vond ik het goed dat we naar het huisje zouden gaan, wat even goed nog een kilometer of 8 fietsen was. Daar konden we lekker opwarmen.

Wat ik hier op 13 februari 2020 nog aan toe te voegen heb:

Die wandeling door een besneeuwde wereld naar het drenkelingenhuisje staat in mijn top-10 van favoriete geocachingherinneringen. Maar owh, wat was het koud. Nog steeds als het heel erg koud is zeggen mijn moeder en ik tegen elkaar: “Het is echt Terschelling-koud.”

En die fascinatie voor Willem Barentsz en de overwintering op Nova Zembla? Die heb ik overgehouden aan een werkstuk voor geschiedenis dat ik over dit onderwerp maakte in havo-4 en waar ik een 9.8 voor haalde.

Deze diashow vereist JavaScript.

2 reacties op “Geocachingverhalen uit het verleden: 13 februari 2013”

Terschelling, Jaaah! Good memories! Vooral met die fietsenverhuur, die ’s avonds niet op de Doekieboot gewacht had, het warme en verlichte huisje ’s avonds toen we van de boot kwamen. De ijsbaan, de uiteindelijk wel leuke fietsenverhuurder, de cafe’s dien om de beurt open waren, het cafe met al die theepotten en vooral die prachtige wandeling over een besneeuwd strand naar het Drenkelingenhuisje…….beter dan in de Vlieland Express………haha!

Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s