Wandelen rondom huis #1: De Leemputten

Wandelen verder van huis zit er voor mij voorlopig niet in, omdat “funreizen” met het openbaar vervoer wordt afgeraden en ik geen auto heb. Gelukkig valt er in de omgeving waar ik woon ook veel te wandelen, dus de komende tijd ga ik het hebben over routes in de omgeving van mijn woning in Oisterwijk. De regel is dat het startpunt van de wandeling te bereiken moet zijn per fiets of te voet.

De Leemputten

  • Waar: Udenhout
  • Start- en eindpunt: Wandelknooppunt 72
  • Afstand: 6,5 kilometer

Hondenrondje

Het was al een hele tijd geleden dat ik had gewandeld bij de Leemputten en dat terwijl ze toch heel dichtbij huis zijn. Toen ik nog een kind was, gingen we hier regelmatig nog een avondrondje wandelen met de hond, omdat die hier kon zwemmen. Die hond – Bruce – werd helaas niet zo heel oud en daarna kregen we een andere hond – Indy – die niet van zwemmen hield, dus daarmee waren de uitstapjes naar de Leemputten voorbij.

Ik ben donateur van Brabants Landschap en in de herfst van 2019 werd er aandacht besteed aan de Leemputten in hun tijdschrift (nummer 203). Er was een nieuwe wandelroute geopend en het terrein speelde een hoofdrol bij de Week van het Landschap van 2019. Zo maakte ik die week een kanotocht over de Leemputten. Mijn belangstelling voor het gebied was weer aangewakkerd en ik wilde die wandeling ook eens gaan maken. Toch duurde het nog een half jaar voor het zover was.

Geschiedenis

De Leemputten is een van de eerste voorbeelden van natuurbouw in Noord-Brabant. Al eeuwenlang werd er op de Kreitenhei bij Udenhout op kleine schaal leem gewonnen voor eigen gebruik, dit omdat het leem zich hier dichtbij de oppervlakte bevond. Rond 1889/1890 besloten twee aannemers (Weijers en de Rooij) uit Tilburg om een eigen steenfabriek te beginnen in Udenhout, omdat ze niet tevreden waren met de kwaliteit van de bakstenen, die ze tot dan toe uit België lieten komen. Ze kochten een lap grond van enkele hectaren aan, langs de spoorlijn van Tilburg naar Den Bosch. De fabriek heette eerst Steenfabriek Weijers, maar later werd de naam Steenfabriek Udenhout. In de volksmond werd de fabriek echter D’n Oven genoemd. De Rooij had nog een tijdje zijn eigen steenfabriek – genaamd Sint Joseph – op het terrein, maar die werd in 1929 opgekocht door de grotere Steenfabriek Udenhout.

DSC05236

Nog meer Lost Place

Vader en zoon Weijers waren technische mannen; de zoon ging in Duitsland studeren om daar de nieuwste technieken te leren, want onze oosterburen waren op dat gebied verder dan wij. Het terrein was vooral zo groot, omdat er veel plaats nodig was om de bakstenen te drogen in de zon, voor ze de oven in konden. Daardoor kon er alleen in het zomerseizoen gewerkt worden. Maar Weijers junior kwam op het idee om de natte stenen te drogen met de restwarmte van de ovens, die werd opgevangen en via buizen naar droogtunnels vol natte stenen werd geleid. Deze uitvinding betekende dat er voortaan het hele jaar door stenen geproduceerd konden worden. Het topjaar was 1965, toen werden er zo’n 28 miljoen stenen geproduceerd en werd 1 op de 50 huizen in Nederland met stenen uit Udenhout gebouwd. Het was de grootste steenfabriek van het land. De stenen werden over het terrein vervoerd over een smalspoor, er was een aftakking naar de spoorlijn Tilburg – Den Bosch, ter hoogte van het station Udenhout, wat nu niet meer bestaat.

Udenhout was een agrarische omgeving, dus de arbeiders kwamen van verder weg, met name uit de omgeving Etten-Leur, Velddriel en de Achterhoek. Voor hen werden arbeiderswoningen bij de fabriek gebouwd, die uitgroeiden tot de buurtschappen De Zestien, Klein Duitsland en Piekenhoek.

In 1993 werd de Steenfabriek Udenhout gesloten, het gevolg van saneringen, overnames en een afnemende vraag naar bakstenen. Het terrein van 20 hectaren kwam in handen van de gemeente Tilburg, die het toe wilde voegen aan het aangrenzende industrieterrein van Udenhout.

Brabants Landschap

Brabants Landschap kocht al het eerste stukje terrein aan in 1967 en bemoeide zich toen al met het graven van de leemputten, zodat die na gebruik omgevormd konden worden tot natuur. Na de leemwinning werden de 1,5 meter diepe putten weer dichtgegooid met zand, maar na vele jaren gebruik was er toch minder grond en daarom ligt het hele gebied lager dan de rest van de omgeving, wat je goed kan zien als je over de N65 rijdt. Brabants Landschap wilde ook graag de rest van het terrein hebben, om het om te vormen tot een ecologische verbindingszone die de Oisterwijkse Bossen en Vennen, De Brand en de Loonse- en Drunense Duinen moest verbinden. Na vele onderhandelingen konden ze het gebied in 2007 aankopen.

DSC05261

Witte g’ijt?

Sindsdien is 13 hectare omgevormd naar een kleinschalig agrarisch cultuurlandschap met houtwallen, struwelen, akkertjes en poelen. Hier leven dassen, boomkikkers en kamsalamanders. Het fabrieksgebouw zelf is gesloopt, maar over een oppervlakte van 1,5 hectare is de betonnen fabrieksvloer blijven liggen, met resten fabrieksmuur van een halve meter hoog eromheen. Hier is ook een poel gemaakt van opgehoogd leem, die gebruikt wordt door boomkikkers. Die mogen met een verrekijker bekeken worden door de natuurliefhebbers, vanaf het transformatorhuisje, wat een uitkijkpunt wordt. Ook het Heerkenshuis is blijven staan; dit is de voormalige showroom van het bedrijf, opgetrokken uit de zelf geproduceerde bakstenen in verschillende metselverbanden en ontworpen door en vernoemd naar de Tilburgse architect Noud Heerkens. Het Heerkenshuis wordt nu o.a. gebruikt als infopunt. Er zijn nog bewust enkele sporen van de steenfabriek achtergelaten als eerbetoon aan het industriële verleden: een oude locomotief, enkele delen smalspoor en enkele spantvoeten. Op dit soort terreinen groeien ruderale planten, die goed groeien op grond die arm is aan humus, maar rijk is aan kalk. Ruderaal komt van het Latijnse woord rudera, wat ruïne betekent. Het is niet de bedoeling dat het terrein gaat verbossen en daarom grazen er Nederlandse landgeiten.

DSC05216

Weerspiegeling

De grote plas – genaamd Brabandshoek – ten noorden van de Heusdensebaan is overigens geen leemput, maar hier is na 1970 op grote schaal zand gewonnen voor woning- en wegenbouw.

De wandeling

Je kunt de wandeling beginnen bij het Heerkenshuis en het voormalige fabrieksterrein, maar ik koos ervoor om te beginnen bij wandelknooppunt 72, op de kruising van de Haarensebaan met de Heiweg en de Heusdensebaan. Hier is plaats voor aan aantal auto’s. Maar ik kwam op de fiets, het is een klein kwartiertje fietsen vanaf mijn huis. Verwar de wandelknooppunten niet met de fietsknooppunten, want dat deed ik eerst wel en dan fiets je het startpunt zo voorbij. Ik stak de Heusdensebaan over (hier wordt hard gereden, dus kijk uit) en begon met een rondje om de voormalige zandwinningsplas. Dit is een smal struinpad, met aan de ene kant boomkwekerijen en aan de andere kant de plas. Omdat alles nu vol in bloei stond, was van de plas nu niet veel te zien. Aan het einde van dit pad sla je linksaf richting Landpark Assisië. Dit is een half verhard pad met aan weerszijden bomen. Halverwege kun je nog afslaan naar het vogelkijkscherm: een aanrader, want hier heb je wel een goed zicht op de zandwinningsplas. De plas is groot en diep en er leven vooral visetende vogels zoals de aalscholver en de fuut. Er is ook een oeverzwaluwwand aangelegd voor ijsvogels.

DSC05209

Uitzicht op de zandwinningsplas

Landpark Assisië

De wandeling loopt vervolgens in een lus over het terrein van Landpark Assisië; hier wonen en werken mensen met een verstandelijke beperking. Je zou hier een pauze kunnen houden bij Lokaal 12. Hier werd ik echter weer met mijn neus op de corona-feiten gedrukt: voorlopig is Landpark Assisië verboden terrein voor mensen van buitenaf. Dus moet je de wandeling voorlopig vervolgen over de Hooghoutseweg. Hier volgt dan een stuk over het asfalt, minder leuk want ook toegankelijk voor auto’s en landbouwwerktuigen, maar ik begrijp dat de route niet echt anders kan. Na nog een klein stukje langs de drukke Heusdensebaan, kom je uit in het Molenbaantje en hier is dan eindelijk de lost place waar het mij omging: het voormalig fabrieksterrein van de Steenfabriek Udenhout.

DSC05232

Lost Place

Lost Place

Er is een toegangspoort met daarop de oude naam D’n Oven. Het Heerkenshuis was ook gesloten, eveneens vanwege corona natuurlijk. Maar je mag wel gewoon rondstruinen over het voormalige fabrieksterrien. Leuk om alle hierboven beschreven kenmerken terug te zien. De oude, verroeste locomotief heeft een nieuwe machinist gekregen: een landgeit. Toen ik dichterbij gekomen was, bleek er achter de locomotief een kleine kudde landgeiten te liggen, lekker in de schaduw. Ze waren erg nieuwsgierig, niet bang aangelegd en lieten zich gewillig op de foto zetten. Ik moest denken aan de Bokkenrijders, haha. Op een bepaald moment wilde een geit te dichtbij komen, dus zette ik verschrikt een stap achteruit…

DSC05247

Kleine kudde

Dat had ik beter niet kunnen doen, want ik struikelde achterover over – hoe ironisch – een losliggende baksteen (je ziet hem liggen op de foto). Ik voelde meteen een scherpe pijn in mijn linkerknie, toch al mijn zwakke plek nadat ik bijna zeven jaar geleden in een Sloveense put viel (toen stapte ik ook al achterover, is dus niet goed voor je). Nadat ik een paar minuten sterretjes zag, werd mijn zicht weer normaal en probeerde ik of ik op kon staan en kon lopen. Dat lukte met enige moeite, dus ik heb ook de laatste pakweg twee kilometer van de wandeling nog afgestrompeld. Dit was nog wel een mooi stukje, dwars door de daadwerkelijke leemputten heen, dit zijn nu allemaal kleine waterplassen met bomen en struiken eromheen (dit pad heeft zelfs een naam; Haarensebaan). Toch was ik blij toen mijn fiets in zicht kwam, die braaf bij wandelknooppunt 72 op mij stond te wachten. Langs de andere kant van de Leemputten fietste ik over de verharde weg (Heideweg) weer terug naar Oisterwijk. Hier kun je inderdaad goed zien dat de Leemputten lager liggen dan de rest van de omgeving.

DSC05269

Doorkijkje Leemputten

Aanrader?

Het is natuurlijk niet zo’n lange wandeling en er zit ook een flink stuk asfalt in. Verder valt er niet echt te komen met het openbaar vervoer. Je moet twee keer de Heusdensebaan oversteken en er zelfs een stukje langs lopen.  Maar als je in de buurt bent en van industrieel erfgoed en natuurbouw houdt, dan is het zeker een aanrader. Ook voor vogelliefhebbers lijkt het mij een leuke spottersplek. Overigens wordt de route aangegeven met paaltjes met oranje koppen en omdat het een rondwandeling is, kun je overal starten. Als mijn knie weer beter is en de lus over landpark Assisië weer toegankelijk is, lijkt het mij leuk om nog een keer te gaan lopen. Waarschijnlijk is het dan herfst en ziet alle natuur er ook weer anders uit.

IMG_0876

Leemputten gezien vanaf de Heideweg

Bronnen: informatieborden onderweg en het tijdschrift van Brabants Landschap, herfst 2019, nummer 203.

Deze diashow vereist JavaScript.

Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis, Wandelen en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s